Annemie Bonneux
Het omhelzen van de Maan



Een vraag aan de maan met wijn in de hand



Hoelang al staat de maan wel aan de hemel?

Ik zet mijn beker neer en vraag het haar.

De mensen reiken naar de maan, maar kunnen haar niet grijpen;

toch is zij op hun pad een trouwe gezellin.

Stralend als een spiegel, zwevend boven 't Rood Paleis

boort haar zuivere licht zich door de groene nevels.

Ik zie haar 's avonds boven zee en oceaan verschijnen,

weet echter niet waarom ze 's ochtends weer in de wolken zinkt.



Het witte konijn stampt heel het jaar zijn kruiden fijn.

Op wiens gezelschap wacht de eenzame Chang'e?

De mensen van vandaag zien niet de maan van vroeger;

toch scheen dezelfde maan ook op het verleden neer.

Vandaag of vroeger, de mensen zijn als stromend water

en allen samen zien zij zo de heldere maan.

Bij wijn en lied heb ik maar één verlangen:

laat altijd maanlicht schijnen in onze gouden bekers.



Li Bai


één van de beroemdste Tang-dichters,
die leefde in de eerste helft van de 8e eeuw
en 900 gedichten heeft nagelaten.